van-p-naar-r.reismee.nl

Een land overvloeiende van ....

‘... melk en honing’,  zoals een beetje bijbelvaste lezer automatisch zal aanvullen. Hier is dat figuurlijk te verstaan, want melk ( koeien) en honing zijn we gisteren onderweg van Incorronata naar Stornara niet tegengekomen. Maar op een stoffig landweggetje van een paar kilometer liepen we langs: uitgestrekte graanvelden, olijfboomgaarden, wijnranken, velden met tomaten, meloenen, boomgaarden met perziken, met nectarines en eerder al artisjokken. Dit is niet de graanschuur, dit is de eetschuur van dit land! En vandaag gaat het gewoon zo door. Het herinnert me aan de Povlakte: wat een rijkdom van het land, wat een armoede van de mensen en dorpjes soms. Die dorpjes of stadjes (ik noem ze Mussolinidorpjes/-stadjes), van die destijds ontwikkelde stadjes om landbouw etc te stimuleren. Je herkent ze meteen aan het ontbreken van een oud centrum en van de traditionele Campanile. Toch hebben Orta Nova (!) en Stornara wel sfeer, itt wat ik in 2017 in vergelijkbare plaatsen aantrof. Vooral het waarschijnlijk traditionele zaterdagse paraderen gister was bijzonder.

‘ .....vriendelijkheid en gastvrijheid’. Vanmorgen, bij vertrek uit Stornara, werden we bij ‘t ontbijt door een uitermate vriendelijke jonge man bijzonder gastvrij en vriendelijk bejegend, we kregen meer dan volgens ons was afgesproken. Toen we dat lieten blijken zei hij verontschuldigend dat hij geen Engels, Duits of Nederlands sprak, maar dat gastvrijheid grenzen overschrijdt! Het is maar één voorbeeld . Op pad, peinzend over dit blog, stopt opeens een auto; raampje open, ‘ caldo,caldo’ ! Er wordt iets gepakt, we krijgen een handvol rijpe perziken aangereikt.  Ik schreef er al eerder over en Kees ( de Nederlandse pelgrim die we ontmoetten) schrijft erover, wie eigenlijk niet: je komt alleen maar vriendelijkheid en gastvrijheid tegen. Een ervaring ook van andere reizen, ook in Duitsland. Hoe kan dat, want in het dagelijks leven in N is dat echt niet altijd het geval. Sta me een kort filosofisch uitstapje toe. Vlak voor ons vertrek begon ik aan ‘ Vita Activa’ van Hannah Arendt, Joods-Duits politiek filosofe uit de vorige eeuw. Heb nog geen 60 p gelezen, maar opeens gaf ze me een verklaring bij bovenstaande vraag, een EUR opener. Ze begint met de Griekse oudheid, waar een onderscheid wordt gemaakt tussen de mens als lid vd samenleving én als lid van de Polis, de stadstaat. Die laatste is om het leven te besturen, wetten te maken, het goede leven te bevorderen. Dat eerste (de mens als lid vd samenleving) is wat anders: en op dat niveau komen wij als reiziger/pelgrim in Italië de mensen tegen- en zij ons! Daar is zorg, hulp, gastvrijheid etc aan de orde, wat niet in wetten is te vatten, gelukkig.  Zou je met velen ervan aan de praat raken op het 2e niveau, dan blijken de verschillen en kan het maar zo onaangenaam worden. Zo versta ik Arendt, en het heeft consequenties voor hoe politiek naar mensen kijkt. Ik stel me wel eens de vraag hier (waar sommigen niet weten van het bestaan van een stadje 30 km verderop ): wat moeten deze mensen met ‘Europa’ ? Kunnen ze zich waarschijnlijk niets bij voorstellen, te ver weg, te ver van hun dagelijks leven en zorgen. Maar dat is een heel ander verhaal, dat hier m.i wel mee samenhangt.

‘..... rotzooi en smerigheid’. Mijn hemel! Wat een bende maakt men ervan hier, echt ongelooflijk, een rivierbedding als vuilnisstort. De binnenkomst van plaatsjes is soms echt alsof je een stort betreedt. De maffia haalt geld op hier, in plaats van....

Maar rotzooi ook in figuurlijke zin, al is dat woord wellicht wat ongepast. We zagen gister op het land 4 jonge zwarte mannen(asielzoekers, statushouders?)  aan het werk. Op een trekker, stilstaand, de blanke boer, rokend, nietsdoend! We doen hem misschien onrecht, maar we hadden beide geen prettig gevoel. Überhaupt zien we veel jonge zwarte mannen hier aan de onderkant vd samenleving (Arendt komt weer boven).

En dan heb ik het dorpsfeest gisteren slechts aangestipt, waar we weer onze ogen uitkeken. Is op zich al een blog waard!

Verder is het slechts 36 gr. vandaag, gister 38 en hier in Cerignola 42. Morgen laatste 18 km door de hitte. Zie er wel naar uit eerlijk gezegd. Tot slot: oppassen daar in Cerignola en Bari, hoorden we, maffia, jongetjes op scooters . We zullen goed opletten.

Tante saluti

Het rammelt en maakt lawaai......

Het rammelt oorverdovend, steeds denk ik dat de boel nu echt uit elkaar dondert, maar nee- men komt vooruit! Wat is dit ? De staat van de Italiaanse staat/samenleving, of een busreisje? Beide! 

We zitten in de bus van Foggia naar  Santuario dell’ Incorronata - een klooster. Even terug naar eergisteren. Vroeg op, mevrouw vh Agriturismo dronk even gezellig een kopje koffie mee en praatte honderduit. Ze heeft het zwaar- is 46, maar ziet eruit als 60+. Vijf kinderen drie maand bij huis vanwege de vakantie pffffffff. Hard werken, mank door een ongeluk...aandoenlijk, vriendelijk en we gaan weg met de aloude spreuk: sommige zaken zijn onbetaalbaar! Het ontbijt is op z’n Italiaans: daar kun je niet op lopen. Het is niet zwaar vandaag denk ik, 16 km en niet al te hoog. Klopt, maar het pad is km lang overwoekerd, meer dan kniehoog soms, wat ontzettend zwaar loopt. Het geringe ontbijt breekt me op- ik drink en eet maar kom er slechts traag weer bovenop. Bea loopt goed, ik heb slechte benen. In een prachtig klein dorpje komen we na 8 (!) uur aan- uitgeput. Volgende morgen blijkt: betalen met kaart gaat niet en ik heb te weinig contant- stom, had ik kunnen voorzien. De bus gaat naar dorp verderop, ik haal geld, geef het aan de chauffeur ( kan hier!!) en we bussen maar verder naar Troia. Geen probleem, het is immers vakantie. Een juweeltje, dat stadje en rustig en met een vd mooiste Romaanse kerken van Zuid Italië. Ik ga naar de kapper - ouderwets handwerk en ik zie er weer toonbaar uit. We steken voor de laatste week even de koppen bij elkaar: het wordt heet (35 en meer), lange etappes, dus gaan we opknippen. Halverwege is een hotel. Bellen en mailen en wat niet al: het hotel bestaat, maar geen contact. We durven het door de hitte niet aan op de bonnefooi te gaan met risico 32 km te moeten afleggen. Dan maar boeken bij het klooster en met de bus- gaat niet anders. Eerst naar Foggia. Kaartverkoop??? Is dicht.Andere kant vd stad is er een.Hulp van oude Italiaan: instappen, chauffeur vragen te stoppen bij de tabbacchi daarginds, kaartje kopen en verder. Goed plan, maar chauffeur denkt er anders over: doe maar in Foggia! zijn we ‘vergeten’. Vanaf F terug met andere bus naar Sant.dell Incorronata (1.10 p p). Het rammelt oorverdovend , maar we zijn er. Zo rammelt zich ook de staat voort, ze maken veel lawaai en misbaar maar het functioneert - toch?? Onze tocht rammelt in die zin wat dat we dus wat stukken per bus moeten afleggen. Gelukkig zijn we het daar snel over eens: de hitte staat ons niet toe om etappes van 32 km te doen. Gelukkig kan ik dus vrij makkelijk de pelgrimsmodus afleggen voor die van de vakantieganger. Zonder dat heb je het lastig met z’n tweeën, zoals we in 2009 ervoeren aan iemand die z’n vrouw wilde later ervaren wat hij eerder had opgedaan als pelgrim. Dat ging dus niet. We zuchten onder de hitte, maar .......heel wat minder dan Italianen : caldo, caldo, pffff, en ze pogen zich wat koelte toe te zwaaien. En wat jammer is: lopend het landschap zien veranderen is anders dan met de bus- het is niet anders. We verbazen ons overigens nog steeds (vanaf Rome!) over de bloeiende brem en klaprozen, maar dat zal nu wel snel afgelopen zijn. Goed- - zo rammelt alles en iedereen voort, maar wel voort. Volgende keer over iets anders. O ja, Italianen houden van vrouwen, maar blijkbaar niet van vrouwenvoetbal. Geen woord op de eerste 10/15 pagina’s van La Gazetta della Soprt!  Ook een rammeltje?  ik hou het  verder in de gaten!!

Caldo, Caldo! Ciao!

Een impressie

Na de forse tocht gisteren, maken we het ons vandaag gemakkelijk. De zoon van de Agriturismo-eigenaar brengt ons een dorpje verder dan we gisteren eindigden: Casalbore. Het is goed-zo blijkt. Weer een mooie tocht, kort, zo’n 8 km, en om half twee zijn we bij een gehucht met een moderne kerk, gebouwd in het jubeljaar 2000 (met een betonnen buitenaltaartje!) en daarnaast een agriturismo waar we geboekt hebben. Weer een belevenis. Al een tijdje valt het dunbevolkte karakter op, in grote tegenstelling tot de eerste weken onder Rome. Het landschap wordt leger, traditioneler, ruimer, landelijker . Met Engels kun je hier niets beginnen. De enige twee woorden die een jonge man gisteren kende , bevraagd naar de locatie vh agriturismo, waren: Google maps - dat was het.

Twee  toeristen zijn dus een welkome onderbreking van de dagelijkse sleur - maar dat woord is niet goed gekozen. Ik ga douchen, Bea uitdampen en wordt door 2 oude dames (90+)  uitgevraagd -leeftijd, kinderen, werk , ook van man, waarheen en waarvandaan, broers, zussen. En later hangt man (!) de was op- en krijgt ook vragen. Ze en wij vinden het prachtig. De hele dag zitten ze daar het leven in de gaten te houden en vooral te bewaken dat het blijft zoals het was. Langskomende mannen geven eerst hen een hand alvorens te doen waarvoor ze kwamen. Wij zouden het niet kunnen, maar zij ervaren dat nemen we aan helemaal niet als sleur. Het is volstrekt vanzelfsprekend dat we Italiaans verstaan dus krijgen we hele verhalen in onverstaanbaar dialect. Landelijk leven in Italië, het lijkt stil te staan (is niet zo) en doet hoe raar het klinkt weldadig aan: ik word er rustig van en vind het mooi. En de kinderen dan hier, wat is hun toekomst? Daarvoor reikt ons Italiaans helaas niet. Hoef er ook niet over te oordelen maar het maakt het contrast met eigen leven/cultuur bijna te tasten. Morgen verder Puglia in- het wordt anders, weer anders ( uitgezonderd Bari) en ik ben nu al zeer benieuwd naar het kleine dorpje ( het kleinste van Puglia naar ik las) Celle San Vito waar we slapen en ons ongetwijfeld weer verbazen en zullen genieten- want dat doen we.

Komt goed!

Wat is dat toch- in het gewone dagelijks leven komt, ondanks de clichématige bezweringsformule ‘ komt allemaal goed’, helemaal niet altijd alles goed. In het pelgrimsbestaan echter is een steeds terugkomende ervaring (en dus meer dan een wens!) dat er altijd weer een oplossing is en het allemaal weer goed komt- lees de blogs er maar op na. Vandaag 23 km af te leggen, met in totaal 1000 m stijgen en zo’n 550 m dalen. Dat is al veel op zich, maar met een temperatuur van ver boven de 30 graden?! Vroeg op pad dus. In het begin, de eerste klimmen, gaat het goed, maar met het stijgen van de temperatuur wordt het zwaarder. Voor Bea is het een tour de force na dit zoveel jaar niet gedaan te hebben. Ook voor mij is het een zware tocht, door de hitte zwaarder dan de St Bernhard op. In rustig tempo stappen we voort. Gelukkig hebben we genoeg water bij ons. De laatste twee klimmen ‘doen ‘t hem’ , doordat we er bijna zijn, klimmen van de buitencategorie - mentaal gezien. We zijn boven, in Buonalbergo, nog 200 m naar het agriturismo. Maar waar? ‘ Non c’ é , zegt iemand , is er niet, 10 km verderop. Foutje van booking. We raken niet in paniek, drinken wat, leggen in de kroeg het probleem voor en er wordt gebeld. Dieci minuti, arrivo! Over 10 minuten komt ie. Ok, Italiaanse minuten, dus 20, maar we zijn geen kniesoren en kennen de Italiaanse tijdseenheden. We worden keurig opgehaald, meneer vh Agriturismo rijdt zeer langzaam om de talloze gaten in de weg heen en brengt ons door een wonderschoon landschap naar zijn Agriturismo. En wat koel bier dan doet met een mens!!

Waarschijnlijk heeft hij de keuken opdracht gegeven alles uit de kast te halen wat Antipasti ( echt meervoud!!) betreft, want het is overdadig- en dan moet de primo nog komen! Overigens: morgen worden we teruggebracht naar Buonalbergo of naar Casalbore , ‘ é uquale’, maakt niet uit. Wat een ervaring!

Het komt echt altijd weer goed-weer ervaren we dat, voorbij alle oppervlakkige bezweringen;  blijkbaar roept wandelpelgrimeren iets op bij mensen. Mille grazie, bij dezen.

Wandelaar, toerist of pelgrim?

Het is Domenica Pentecoste, Pinksterzondag. In de supermercato, zondag gewoon open in de morgen, wordt ons dan ook ‘buon Domenica’ gewenst. We zijn na een paar prachtige tochten in Benevento aangekomen, de stad die ouder is dan Rome ( aldus de B&B- mevrouw). Veel te zien hier, en weer met een heel ander karakter dan andere oude stadjes.Het landschap is prachtig, zo totaal anders dan verwacht- groen, vruchtbaar, glooiend. Het graan wordt langzamerhand geel, na het groen nog onder Rome, maar de bermbloemen kleuren het landschap nog wel steeds- vast niet lang meer, bij de toenemende hitte- 30+. 

Nog steeds, net als in 2009 en 2017, worden we van ver toegezwaaid, worden ons twee, dé twee, basisvragen vh leven gesteld: dove andate, dove venite - waar ga je heen, waar kom je vandaan. Bravo, bravissimo - is ons deel! We realiseren ons dat wij dat met rugzakkers in Nederland niet doen- waarom niet eigenlijk? Het is zo mooi en de vriendelijkheid doet goed.

Bij het eten op het terras, eindelijk weer buiten, kijken we weer onze ogen uit. Afgezien van de als altijd bijzonder smaakvolle maaltijd, alleen daarom al zou ik ieder jaar dit soort reizen willen maken, is er zoveel om me over te verbazen. Borelingen, kleuters, tot ver na negenen op het terras. Ook zaken waar ik me in N. waarschijnlijk over zou ergeren. Een kleine opsomming. Bepaalde soort pasta is op; melk is op- geen koffie machiato dus; koffiemachine is stuk - waarschijnlijk al langer, hoe dan ook: geen koffie; rekening betalen per pin gaat niet: ‘ lijn doet het niet’;  in restaurants: ‘ scusi, non c ‘ é’ - is er niet meer- we horen het vaak! Maakt niet uit - dit is Italië. Misschien zit daar voor een groot deel het wezen van pelgrimeren: laat je gewoonten, patronen, ergernissen, voorkeuren los en accepteer wat je aangereikt wordt. In 2017 was dat mijn motto- nu ben ik vakantieganger, toerist, maar dit element hebben we beide nog steeds. Wat ik destijds schreef: pelgrimeren is niet iets, het ontstaat - geldt wat mij betreft nog: ik kom in een ontvankelijker modus-anders dan twee jaar terug, maar toch. Ook als wandelaar kun je deze ervaringen opdoen, zeker, maar het op pad zijn lange tijd met minimum aan spullen doet is met je. Sta je daar open voor is het begin van pelgrimeren daar! Zonder dat zou je wel eens wandelaar of toerist kunnen blijven- ik probeer maar iets onder woorden te brengen.

Vanmorgen Benevento bezocht; in een  kerkje uit 8e eeuw was een dienst gaande. We gaan naar binnen en dan begint het verwonderen en loslaten weer meteen. Was het nu chaotische devotie of devotionele chaos? We vielen binnen ah eind van een bepaald deel vd liturgie - priester deed vast zijn best, maar de telefoon was veel belangrijker, net als de binnenkomende andere ‘gasten’ die werden gezoend, van plastic stoeltjes voorzien etc. De responsies bij de formuliergebeden werden al rondspiedend naar bekenden meegepreveld. Mij besloop de banale gedachte: als mijn gehoor zondags dit doet kap ik er mee! Hier vind ik het geweldig. Het blijkt namelijk ( logisch op de geboortedag van de kerk, zoals Pinksteren wel wordt genoemd) dat vele kinderen eerste communie doen. Vandaar de vele aanwezigen en de weinig devotionele aandacht.Daarom is ieder op z’n paasbest (!), en komt binnen na het eerste deel vd dienst, mét preek die niemand interesseert. De communicantjes, in witte engelengewaden,treden binnen, een minuut na de laatste muzikant die zich snel een weg baant, naar het gitaartrio; de gemeente zingt onder gitaarbegeleiding een intochtshymne ( hartstikke vals) - en ondertussen komen nog steeds mensen binnen of verdwijnen weer - als wij. Aan de koffie tegenover slaan we het allemaal gaande: het in- en uitgaan blijft doorgaan,  de kleren zijn steeds mooier en soms bij het hoerige af- kortom: fantastisch dit mee te maken. We kijken onze ogen uit - kan er nog een uur over schrijven. Ik zal het de lezer besparen. 

Morgen een experiment: 6 uur op,7 uur op pad om een zware route niet in de brandende zon af te hoeven leggen.

Verder de Apenijnen in

Rustdagen waren in 2017 ook al zelden rustdagen, maar dagen met, laten we zeggen, verminderde activiteit. Zo ook in Cassino. ‘ s Morgens met de bus omhoog naar het beroemde klooster, samen met Kees. De architectuur van het complex is indrukwekkend. Het maakt weliswaar een ‘nieuwe’ indruk maar dat is begrijpelijk na de verwoesting in ‘44. De kerk daarentegen is te overdadig, zeker tegen de achtergrond van die in Casamari en Aquino. Daar, en bij de vele andere vaak al vervallen kerkjes die we tegenkwamen, komt bij mij onvermijdelijk die prachtige regel van de dichter C.O. Jellema boven over het kerkje in Fransum: ‘ van het uitblijvend antwoord de schrijn’. Die prachtige paradox wordt in te barokke kerken, ook in Montecassino, m.i ontkracht door teveel een antwoord (waarop?)  te suggereren. Zie de foto’s om zelf te oordelen.

Tegen een uur weer naar beneden, was gedaan, gelezen, bijgeslapen en ‘ avonds met Kees weer gegeten.

Ondertussen wat verder gedacht over het vervolg vd reis. Bea plant meer dan ik, en soms komt dat goed uit. Ze heeft de route (lengte en profiel) geanalyseerd en komt met het voorstel een stukje de trein te nemen vanaf Mignano, om te lange etappes te mijden. Als pelgrim zou ik dat niet doen, nu vind ik dat verstandig: ik ben al heel blij hoe goed het gaat met Bea - en waarom forceren. Reis met trein gepland en aldus uitgevoerd- en het is gewoon leuk ! Het landschap trekt voorbij en je ziet het veranderen, net als het karakter vd de dorpjes: ze worden steeds meer slordig Italiaans, i.p. v keurig onderhouden middeleeuws. En tot ons beider verwondering: het is nog steeds groen en vruchtbaar. Pas na Benevento, in Puglia, zal dat misschien veranderen. Ook de taal wordt wat ‘dialectischer’ om zo te zeggen en de mensen zijn echt kleiner dan boven Rome. 

Uitgestapt in Telese lopen we even naar Solopacca, waar we redelijk doorweekt aankomen: het is heet! Dus extra letten op de waterinname. Vanmorgen afscheid genomen van Kees die ook in hetzelfde Agriturisme overnachtte. Het was genoegelijk zo ‘s avonds elkaar weer te treffen bij de maaltijd en ervaringen te delen- als (expelgrim en nu vakantieganger. Het verschilt echt!

 Eindelijk bovendien weer eens buiten gegeten- mijn voorzegging eerder komt uit denk ik: we gaan de regen en koelte nog missen! Morgen en overmorgen in 2 etappes naar Benevento, alwaar we een rustdag inlassen want het schijnt mooi te zijn.

Het is dan ook Pinksteren -dus geef de Geest tijd en gelegenheid neer te dalen?? want daarna schijnen we volgens Bea stevig aan de bak te moeten!

Tot de volgende keer. Salve


Naar Monte Cassino

Een zekere opluchting kunnen de B&B- meneren en mevrouwen niet verhelen als we op hun eerste vraag: parlate ‘l Italiano?antwoorden met: si, un poco. En vervolgens komt er een waterval. De eerlijkheid gebiedt: we zijn wel enigszins trots wat we na een week, en na 2 jaar geen Italiaans gesproken te hebben, kunnen. En vooral: het wordt ontzettend gewaardeerd dat we hun taal ‘ spreken’. Met Engels kom je niet ver hier, om het overdreven te zeggen. En ook onderweg: steeds weer worden we aangesproken in het Italiaans en als we idem antwoorden is het enthousiasme groot en met handdruk worden we weer op pad gestuurd. Elke keer weer verrast het ons.

Drie mooie wandeldagen hebben we gehad, mooi weer, mooie route, stadjes. En we ontmoetten een aardige pelgrim, Kees, die ons via ons blog op de site vd vereniging op het spoor kwam: ik heb je blog gelezen, zei hij bij de eerste ontmoeting zonder te weten wie we zijn. Hij had gehoord dat er 2 Nederlanders voor hem zaten, ging zoeken op de site en de volgende dag zaten we in de berm te eten en wist hij wie we waren.

Vanmorgen in Aquino geweest, van Thomas van. Op thelogisch belangrijke bodem dus. De kerk uit de 11e eeuw bezocht waar hij gedoopt is en net als zaterdag in de abdijkerk: zo zou een kerk moeten zijn. Sober, zonder opsmuk, vol architectonische harmonie, geen kunst- het gebouw zelf is kunst- om letterlijk stil van te worden. Prachtig. Dat soort kerken doet iets met ons, zo merken we naderhand. Harmonie, stilte, iets ontastbaars of zelfs transcendents - het roept toch 2017 in herinnering.

Verder heeft Aquino niet veel te bieden- je merkt dat al eerder overigens aan andere stadjes: het ligt/ze liggen  in het strijdgebied van de slag om Monte Cassino in de eerste maanden van ‘44. Alle dorpjes waar we doorkomen en ook Cassino zelf heeft dat geraakt: het hart is er uit. Het is allemaal opgebouwd, op zich al knap, maar ....Ook dat maakt deel uit van de geschiedenis van dit land- we gaan het morgen bekijken in de Abdij zelf, maar wel met de bus.

In Cassino hebben we genoegelijk samen gegeten met Kees die we tegen kwamen en hebben ervaringen gedeeld over lopen, culturen, verschillen ertussen en deels hebben we dezelfde ervaring.

Tot slot: bij herhaling kom ik uit een bar na koffie ( of eind vd middag na bier/ wijn) en schud m’n hoofd: geen wonder dat dit land failliet gaat: € 2,50 voor bier/wijn en ‘gratis’ een  bak pinda’s en chips. Maar over een paar jaar zullen we via ‘ Europa’ wel (moeten) bijlappen! Dus genieten we er nu maar van!

Ciao.

Te veel !

Vrouwen in, aldus de expert Bea, goedkope kunststofkleding; mannen in, aldus ervaringsdeskundige uit 50/60er jaren Bert, in zwarte gereformeerde slobberende ouderlingenpakken; ‘ zielige’ opgedirkte kinderen in pakjes, waarin je niet kunt/ mag spelen, maar gelukkig doen ze dat wel- Italiaanse ordinaire chic (of omgekeerd) en.... een rode Ferrari voor de deur. Kortom: waar we een onderkomen vinden vindt ook een Italiaanse Matrimoniale plaats. We kijken met een grote fles bier voor ons onze ogen uit. Enigszins deviant gedrag. Bea kan het orthopedagoog-zijn niet laten: bij de dreunende muziek heef ze oog voor een boreling : ‘ dat ze die geen oordopjes indoen’!

Er is zoveel te vertellen na twee dagen, ik weet niet waar te beginnen- bij het huwelijk dan maar. Dat is het grote verschil met de kampeervakanties tot  een aantal jaren terug - lopen door dit prachtige land is je onderdompelen in hun cultuur en je verbazen. Zij waarschijnlijk netzo over ons als wij over hen. 

Al die mensen die ons aanspreken, vol enthousiasme ( doe ik/ doen wij dat ook met rugzakers?) ; die oudere man die aan de bar onze koffie betaalt vanwege onze Camino; de Duitse/Italiaanse mevrouw die ons aanschiet: tedeschi non,  Ollandesi? -,en ons eigenlijk een triest verhaal vertelt....waar te stoppen? De Heilige Trappen in Veroli, waar we als protestanten en Noorderlingen vol onbegrip naar kijken( boete doen door op de knieën naar boven te kruipen- we hadden het ook al in Rome gezien in 2009 en wat het met mensen deed!) tot we onder een wijntje/biertje het wat genuanceerder bezien: is het niet bijzonder dat gemeenschappen vroeger al rituelen en mechanismen bedachten om met persoonlijke schuldgevoelens en wat niet al om te gaan, de oorbiecht is er ook een voorbeeld van. Zeker voor alle kennis van psychologische mechanismen is dat opmerkelijk. Dat het ontaardt is wat anders, maar welke  menselijke activiteit ontaardt niet, of kan niet ontaarden?

Ik houd op- de Champions Leaque finale begint- volgende keer meer, o.a over een kerk zoals een/ de kerk moet zijn- als gebouw wel te verstaan.

Het lopen door dit prachtige land gaat overigens goed.

Tanti Saluti