De andere reis.
De ontvangst met een pelgrimsritueel en goed gekozen woorden door de vrijwilliger was roerend: wat ik eerder schreef over licht en pelgrimeren kwam meteen boven, het kwam weer samen. Terwijl de dag matig begon: slecht geslapen door klokgelui op ieder kwartier- de hele nacht door, treinen die op minder dan 50 m van het B en B voorbijrazen,tot diep in de nacht en alweer vroeg begonnen- dan komen de gedachten niet tot rust: het klooster waar ik een rustdag heb gepland is onbereikbaar, reageert niet op aanvraagformulier, hoe moet dat als ..... De tocht is kort, maar pittig,over een lastig niet ongevaarlijk pad - steil omhoog. Saai, want geen uitzicht en gisteren vanuit Basel ook al saai, lang door de stad, verkeerslawaai, geen uitzichten ......
En dan -- het bos uit, wat een prachtig landschap ontvouwt zich opeens. Twee vrouwen, we haalden elkaar al in, gaan ook naar het klooster, maar eerst koffie. Koffie?? Ja daar. Ik doe mee en we hebben een mooie ontmoeting, een goed gesprek met gelijkgestemden. ' also, bis nachher im Kloster' - en ik ga opgeruimd weer mijns weegs. Zie je wel, het komt weer goed vandaag- wat een simpele ontmoeting al niet kan doen met een pelgrim. Dit is veelzeggend voor mijn reis. Pelgrimeren is voortdurend, voor mij althans, een oefening in vertrouwen, en ook al ben ik in Zwitserland aangekomen zonder problemen: het blijft een oefening met vallen weer opstaan. Zo'n klein ontvangstritueel betekent dan opeens veel meer voor me dan Christoph, de vrijwilliger, vermoedt. De hele reis door Nederland en vooral door Duitsland groeide het pelgrimsgevoel. Ik had geen vooropgesteld idee wat het is; nu denk ik dat pelgrimeren niet iets is, maar gebeurt, gaandeweg kom je in een ritme- en dat heeft z'n invloed op de geest. Pelgrimeren betekent volgens de site van de vereniging oorspronkelijk zoiets als tussen de akkers lopen, landloper zijn dus. Ik zie me tussen de akkers lopen naar Gerolstein, de man op het bankje .... Maar al eerder, dat schilderij in Kornelimünster- tussen de akkers zijn ze op weg en dan ...
Pelgrims gingen vroeger op pad om boete te doen, om God te vinden/zoeken, om ....Het had altijd iets in zich van jezelf weer vinden, of voor het eerst omdat je voelt dat er iets miste, scheef was gegroeid. Boete doen, God zoeken- is dat iets anders dan (weer) met jezelf in gesprek gaan? Christoph vertelde me dat hier in het Kloster Beinwil veel Nederlanders komen die werken in de chemie in Basel- ze zoeken rust, contemplatie; iets dat ze missen in het jachtige bestaan? Is pelgrimeren niet een oerbeeld van het leven: bewegen, wegtrekken, (weer) tot jezelf komen?
Ik ontmoet oude trekjes in mezelf, maar bovenal nieuwe: ik ben verrast over dat ik dit doe, hoe ik het doe, de gesprekken met mezelf- terwijl ik opeens bedenk: maar dat vertrouwen had je twee jaar geleden toch ook? Ja, maar blijkbaar is er afstand nodig om goed te beseffen wat dat was/is- en nu is het er weer, behalve in slapeloze nachten! Dat is wel nieuw voor me - wees niet bang: er komt geen compleet nieuwe Bert terug- en dat is pelgrimeren voor me. Het is ook een beeld voor de mensvinbhet algemeen: die is niet bedoeld om scheef te lopen, gebukt onder wat dan ook, maar rechtop. Om dat te kunnen, weer rechtop lopen, heb je anderen nodig, soms hulpverlening, maar het is een pelgrimstocht, net als vroeger, alleen anders.
Met iemand wandelde ik veel ( halfuur - dan was het op) tijdens mijn herstel. We spraken veel, waren lotgenoten. Een veelgebezigde uitdrukking was als er een onzekerheid opdoemde: het biedt zich wel aan. Dat trekt zich door tot nu: het biedt zich wel aan. Soms ben ik het kwijt, maar ...de oplossing biedt zich steeds aan. Nb: van buiten- biedt zich aan. En het godsdienstige dan? Daar zeg ik niks over want dan mezelf kennende wordt het een theologisch tractaat. Bovendien hebben de voorgaande verhalen dat voldoende duidelijk gemaakt lijkt me. Tot slot een verhaal weer, dat al sinds mijn studie met me mee gaat. Brecht schrijft o.a korte verhaaltjes, over ene meneer K. Een verhaal gaat zo: een oude bekende die meneer K lang niet gezien had komt hem tegen en zeggen: meneer K! U bent helemaal niets veranderd. Oh, zegt meneer K, en hij trok wit weg.
Een pelgrimsverhaal in zekere zin, een verhaal als een preek ? (Ik denk Ebi dat dat jou wel is toevertrouwd daar een mooie preek op te houden).
Het verhaal over Duitsland zou ik wel willenverwijderen, maar laat ik staan voor mijn eigen herinnering- maar het is niks vind ik).
Morgen naar twaalfhonderd meter- de helft van waar ik heen moet op de st Bernhard .
Alvast goed weekend gewenst- Grüss Gott!
Datum ist es am Rhein so schön
Ruim vijf weken ben ik door Duitsland getrokken. Ik zag ertegenop bij Vaals/Aken- en nu ben ik volgende grens al weer over, met heel wat minder spanning - ik vind het zelfs wel goed om een andere cultuur in te gaan, want dat is het. Ruim vijf weken door verschillende streken, landschappen, steden en dorpen - en ik heb er van genoten. De mensen zijn vriendelijk en behulpzaam, heb geen vervelende ervaringen gehad, ben zelf naar lichaam en geest heel gebleven- dat alles kleurt hoe je naar een land en samenleving kijkt. Ik heb veel en subjectief opgemerkt, maar dat laatste kan niet anders. Zijn Duitsers nou zo anders dan wij? Ja en nee. Ze zijn formeler- we spreken elkaar aan met Sie, totdat iemand het Du aanbied - zo gaat dat hier. Veelzeggend komt dat aanbod van mij, de wat informelere Nederlander. Toch vind ik het niet vervelend dat formele; je word ook netjes te woord gestaan. Anderzijds heb ik de indruk dat mijn wat informele wijze van omgang bij veel Duitsers goed valt- alsof ze het wel prettig vinden, losjes maar correct- ik krijg ze gauw onbedoeld aan het lachen.
Duitsers zijn denk ik meer zich bewust van hun identiteit dan wij. Ze zien het niet als negatief, keurslijf, maar als bron en link met wat goed was/is. Neem hun taalgebruik- keurig, goed geformuleerd en in prachtige volzinnen- zo gaan de gesprekken. Geen grammaticale monstrueusiteiten ( 'ihnen kommen nicht' is volstrekt ondenkbaar hier), geen overbodig Engels- veel minder bijv. in reclame dan bij ons. Ja, goed, een iPhone heet hier Handy, en op de radio zijn ook hier kinderen opeens kids.
Ik heb stellig de indruk dat milieu hier meer leeft dan bij ons, overal verzoeken, bewustmakingen etc. En dan het verkeer: tot mijn verbazing wordt me keer op keer op keer met of zonder rugzak voorrang verleend - kan ik iets van leren.
Ze zouden wel wat meer gedurfder kunnen bouwen wat woonwijken betreft: het is eentonig, blokkerig, vierkanten en variaties daarvan. Iets meer van ons Design overnemen zou geen kwaad kunnen.
Tot slot viel me al snel op het grote aantal buitenlanders dat in de horeca werkt, en niet alleen in de steden. Je kunt er op verschillende wijzen naar kijken, maar het viel me op hoe ze op goede wijze werden bejegend, begeleid en zij hun best deden de taal onder de knie te krijgen.
Maar ... net met een Turkse Zwit ...... oh, pardon: ' ich scheisse auf den Schweizerischen Passport' gesproken. Al 40 jaar woont hij hier, noemt Dld het schurkachtigste land ter wereld en Merkel .... Turk is hij en blijft hij in eerste en laatste instantie. Wat een agressie! Ik begin het te leren: zwijgen ipv tegen het getier in te gaan. Zo kan het dus ook, zo kan identiteit ontaarden.
Ach - ik ben nog geen tweehonderd meter in ZW , ik vraag een mevrouw hoe het zit met bus en tram naar Basel en: gaat u maar met mij mee, ik moet ook naar B en zeg wel waar u moet overstappen en uitstappen. En met een brede armzwaaiingen nemen we afscheid. De Duitse vriendelijkheid zet zich voort in de Zwitserse.
Goed, ik ben dus in ZW en ik zeg het een paar keer hardop. Onvoorstelbaar: nu nog even de Alpen ronden en over, Bea in Noord Italië oppikken en we zijn samen onderweg naar Rome. O nee, dat ben ik al twee maand. Morgen eindelijk de terugblik op wat pelgrimeren is, of is die vraag niet goed?
Voor nu: grüess' die woll.
Zwei Seelen sind ach! in meiner Brust
Ja, als Goethe dan toch al twee keer ter sprake kwam (voorbij Millingen en in Gengenbach), dan ook maar een derde keer, immers: alle goede dingen bestaan uit drie. Goethe dus weer, Faust dus weer, uit de lessen van vroeger opgekomen. Twee gevoelens. Ik ben in Freiburg, de stad waar ik iets mee heb en ik verheug me erop. Maar, ik had het kunnen bedenken: het is hoogseizoen, en overvol. Ik betrap me erop dat ik als pelgrim verwend ben: overal rust en ruimte om van dingen te genieten, maar nu niet.De Dom, met misschien wel de mooiste toren van de kathedralen in Europa (aldus de Freiburger- kan ik me wel in vinden) is overvol en staat ook nog eens in de steigers. Ik maak wat foto's,maar het echte gevoel van 'toen' wil niet opkomen. Als ik wat boodschappen gedaan heb merk ik opeens het tweede gevoel, de zweite Seele: ik ben intens tevreden over de aanschaf van ....... een paar sokken en inlegzooltjes voor mijn bergschoenen. Echt waar!ik hoor het mezelf hardop zeggen: ben hier blij mee! Bovendien ben ikbij de kapper geweest, weer gefatsoeneerd ... en dat stemt ook tevreden, voelt meteen anders.Vervolgens, een kinderhand is gauw gevuld, neem ik een bier op het Domplein: wat een genoegen daar te zitten.De drukte neemt af; de gotische bouwstijl trekt, als bedoeld, de blik naar boven/Boven, naar al die torentjes en beelden en ...; het klokgelui voor de mis van zes uur golft over het plein, een kwartier lang, oorverdovend- ik vind het prachtig. Niemand stoort zich eraan, geen gedoe als in Groningen waar de Martini maar beperkt mag luiden,want het stoort....
Wat toch een mooie stad, wat toch heerlijk dat ik ondanks de drukte genieten kan van sokken en geknipt te zijn! Ik kijk weer mijn ogen uit- naar boven.
Maar de eerlijkheid gebiedt: die zwei Seelen slaan ook op iets anders. Ik betrap me 'smorgens op nervositeit, de onderhuidse of onderbewuste spanning van: gaat het wel goed vandaag? Het weer, de zelfgemaakte route die ik ter plekke verlegd heb. Iedere dag gaat het goed, ook donderdag met een hele dag ( hele dag!) regen, waar geen regenkleding tegen bestand is. Of het komt van buiten, of van binnen, maar nat word ik. Het grootste probleem is: mijn telefoon mag niet nat worden dus kijk ik vooral op de geplastificeerde kaart, verleg de route, lunch in een kapelletje, heb het hardstikke koud, doe het goed ...en blijf gespannen de volgende dag. De geest van een mens maakt rare capriolen, de psychologen onder jullie hebben er vast wel wat over te vinden. Zwei Seelen... ach, Goethe wist het al, Paulus wist het al veel eerder ...ik wist het ook wel, maar vind het ook wat lastig. Gelukkig is elke dag, ook die regendag, het gevoel binnen de kortste tijd verdampt. Ja, de geest van een mens .....
Ik realiseerde me dat ongeveer de helft erop zit. Dinsdag kom ik in Zwitserland aan, in Basel. Vind dat bijna onvoorstelbaar. Vanmorgen zei een mevrouw: ik bin wirklich sprachlos!
Zwitserland roept associaties op van ' het echte werk', maar het thuisfront zet het in het juiste perspectief: niet veel hoger dan tot nu toe, het hooggebergte komt na Martigny. Klopt. Vertrouwen dus, niet verder kijken dan morgen, en dat ging me eerder wat makkelijker af dan nu. Eerst dus maar het mooie stuk van Freiburg naar Staufen: de Fauststad, met de voetafdruk van Mephistofeles, de duivel, in hettrappenhuis van het gemeentehuis (geloof ik).
Ik zou zeggen: tot vanuit de Schwyz. Of zoals ze hier zeggen: Servus!
Gengenbach revisited.
Het moet toch potztausend niet gekker worden: al 4 dagen in het Schwarzwalden nog geen Schwarzwälder gehad! 'Nee meneer, we zijn een hotel, geen café' , kreeg ik te horen afgelopen zondag. Nou ja zeg! Goed, ze hadden koffie,en indachtig mijn motto ...
Vandaag in Gengenbach dus K+K! Gengenbach... ik ben er al vaak geweest en vind het steeds weer prachtig. De streek heetde Ortenau, een landovervloeiend van wijn en mooie dorpjes. Het is hier zooomooi! Zo had ik het me voorgesteldzie foto's).
Gisteren Jan Bert en Maaike ontmoet- vanaf Nrd- Italië komen ze langs Gengenbach en we maken een afspraak elkaar te treffen. Het doet goed vrienden uit Ndl weer te zien; ze nemen de moeite voor mij hun reis te onderbreken en 'opeens' staan we daar: Jan Bert en ik namen geroerd afscheid in Afferden 6 weken terug, en nu zien we elkaar weer, en het raakt me. ' Wat gaat dat hard' zegt Jan Bert- ongelofelijk. Ja, als die duwboot op de Rijn bij Millingen, zeg ik.
Het is goed over en weer ervaringen uit te wisselen, we zijn even weer 'bij'. Vandaag Gengenbach herontdekt, ik geniet, maar er zit een bedrukte ondertoon in. Pas laat begrijp ik het: de ontmoeting met goede vrienden doet zich vandaag gevoelen: ik ben weer zonder 'klankbord' en dat is wennen. Verrassend hoe je jezelf steeds achteraf pas beter leert kennen. Als ik het mechanisme doorheb, tijdens het eten pas, en een praatje met de Duitse-Italiaan (of omgekeerd) van het restaurant aanknoop is het over. Toch ook wel mooi: in wezen zijn we op anderen ' aangelegd' en is wat ik doe in zekere zin ' onnatuurlijk', met wel wel nieuwe ontdekkingen. Tot nu toe: ik had het niet willen missen.
Vanmiddag de kerk voor de zoveelste keer bekeken en voor het eerst echt gezien! Wat valt er viel te beleven:in de Basiliekin Trier komen je ogen tot rust, hier worden ze aan het werk gezet: verhalen, associaties, symbolen- ik wil vertellen, wijzen: 'zie je dat, kijk wat daar staat...., o, dat ga ik voor m' n boek gebruiken, even foto maken'. Ikpraat dus maar in mezelf.
En op het terras, iedereen loopt er langs, begrijpelijk- zit ik tegenover een museum, waar aan de gevel een ' lap' hangt met de beroemde beginwoorden uit de Faust van Goethe ( zie foto). Volstrekt irrelevante mededeling in een blog misschienware, het niet dat, net als in 2009 met Bea, soms opeens oude, echt oude herinneringen opkomen. Zo kwam enkele weken terug opeens dit citaat van Goethe boven, vanuit de lessen van meneer Wassink uit 1969!! We leerden het begin van Faust enhij legde uit;het ging me boven de pet, maar fascineerde me tegelijk- ik ben de woorden nooit vergeten, zo blijkt. En nu hangt dat voor me- natuurlijk, iedereen loopt erachteloos langs.Het raakt aan waar ik zoal over denk, het raakt aan wat Arie schrijft aan mij. Ik heb, zegt Faust, van alles met volle inzet gestudeerd (leider auch Theologie- dat 'helaas' klopt wat mij betreft niet)!- maar wat weten we nu helemaal!? En ik moet zeggen: de afgelopen weken dook dat citaat een paar keer op in mijn gedachten. Prachtig- blijkbaar is dat ook pelgrimeren- tegenkomen waar je aan denkt, en omgekeerd!
Goed- nu op naar Freiburg, waar ik tot mijn verbazing overmorgen aankom. Het gaat hard, inderdaad, en ik heb soms moeite me voor te stellen de lijn van P naar F(reiburg) - het lukt maarmoeizaam: heb ik dit lopend overbrugd? ?Ja, en wat is er veel ( of juist weinig!) gebeurd. Ik weet nog dat ik tegen Jan Bert zei: ik pelgrimeer niet, ik loop het Pieterpad. Dat hoort bij elkaar, zei hij. Nu is dat voor mij anders. Op de vraag: sind Sie Pilger onder Wanderer? Is mijn antwoord nu duidelijk.... - Ga ik binnenkort over verhalen. Morgen een pittige tocht dwars door het Schwarzwald.
Tot gauw.
Op bekend terrein
Bad Bergzabern, zo'n 25 km van de Rijn, is in meerdere opzichten een grensplaatsje, behalve in letterlijke zin. Als ik vrijdag het stadje verlaat en na een paar kilometer terugkijk, lijkt het alsof ooit iemand met een lineaal een streep in het landschap trok: ' hier doen we bos, en daar wijnranken'! Een grens dus, ook in mijn beleving. Mijn motto (je doet het met wat je aangereikt wordt) komt onder druk te staan. Deze zuidwest-hoek van Rheinland-Pfalz is soms wat deprimerend, herinnerend (beetje overtrokken) aan het voormalige Oost-Duitsland. Doodse dorpen( de term is van een Duitse jonge Wanderer), de huizen en wegen enigszins verwaarloosd, wat on-Duits is, de prijzen laag - volgens mij een indicatie van het welvaartsniveau. Het gebied heeft toeristen ook niet veel te bieden, volgens een hoteliere: geen meren, bergen, boeiende steden, attractiesetc. Het enige is het grootste out-letcenter van Europa in Zweibrücken- nou ja(de verzuchting is van haar). De infrastructuur wat B and B's betreft is dus ook schamel. Daarbij komen de vele bossen waardoor ik loop, met vaak moeilijk te vinden routes omdatde paden totaal overwoekerd zijn- ik ben wat opgelucht dit deel achter me te laten. Langzaamaan zie ik in bijv. Dahn het Zwarte Woud opkomen, en zeker in Bad Bergzabern: vriendelijk, verzorgd, devele bloemen, de bouwstijl- het doet meteen anders aan. Een grensplaats dus.
Op zaterdag steek ik de Rijn over en loop door de rijnvlakte naar de heuvels van het gebied dat ik redelijk goed ken: ik heb er zin in en heb besloten mijn aanvankelijke route wat te verleggen: meer naar de rand, i.p.v door de bossen. Dat lukt niet helemaal waarschijnlijk, maar ik zie wel. Het is een aanlooproute door o.a Rastatt, maar daar zie ik niets van: regen, regen, regen.
Ik vind een hotel zonder restaurant en dus ontbijt en dus koffie- wir haben auch Uraub! Maar: het hotel is open. Ik ben allang blij. De bakker is vanmorgen open en heeft koffie en er is een klant die vraagt waar ik heen ga: ROM! Wahnsinn!! Bedoeld is: te gek!! we hebben een goed gesprek onder de koffie- mijn zondag begint dus goed. Sterker: op pad gaande geniet ik mijn tenen uit, dit is wat ik wilde in het ZW: open landschap, vergezichten, wijnvelden en opduikende kerktorens waaronder een dorpje schuilgaat - ik vind het prachtig. Een mevrouw knijpt in de remmen: ' wohin geht's? ROM? So ein Wahnsinn! Dan moet u mentaal met uzelf in het reine zijn, afgezien van het lichamelijke!' De eerste die het zo direct zegt, alsof ze Nederlandse is.
Het is hier anders dan in Süd-West Pfalz; de dorpjes zijn anders, ze hebben vele restaurants en hotels ( ik tel er zo zes of meer in een klein dorp)! die zich tooien met de namen Adler, Sonne, Hirsch, Ochse of Traube- al dan niet met het voorzetsel zum/zur - goed zo, zo hoort dat hier, de wereld is nog heel: so soll es sein! De stijl is typisch ZW, Fachwerk, wit-rood gesteente, bloemen. Ik ben op bekend terrein en mijn fietsvakanties hier en later met Bea komen boven. Lang geleden.
De hitte speelt me parten vandaag, de laatste kilometers zijn slepend en slopend. Ik heb gelukkig besloten in Gengenbach een rustdag in te lassen- ik ken het dorp goed enhoef dus niets te ontdekken- wel te herontdekken, de prachtige kerk bijv. Ik zie er naar uit, even rust.
Oh ja, nog een verhaal - het is het tenslotte zondag -of twee eigenlijk, die ik verbind. Na de laatste weldaad aan mij betoond (hotels vol, hotelier zegt: ik bel net zolang tot ik u een bed bezorgd heb en hij rijdt me erheen- 10 km verder) - herinner ik me een uitspraak van Sébastien de Fooz, die Belg die ik aanhaalde in mijn vorig verhaal. Hij tekent een uitspraak op uit de mond van een Duitse vrouw, waarschijnlijk een oude volkswijsheid: pelgrims verspreiden licht over hun weg. ( Bert en Miep: corrigeer me als ik onjuist weergeef). Pardon? Licht verspreiden? Ik wandel, denk, steun de plaatselijke economie en doe aan vergelijkend bier- en cultuuronderzoek, maar licht verspreiden?? Nou nee! Totdat ik het opeens anders bekijk: zou het zo zijndat zijdie pelgrims helpen het licht verspreiden? Gewoon, omdat dat ......gewoon is?! Opvallend: ze vragen bijna allemaal: wilt u aan me denken als u in Rome bent? Ontroerend.
Hierover denkend viel me eenprachtig Joods verhaal in,over de 36 verborgen Rechtvaardigen; het gaat in de kern zo. Elke tijd heeft 36 Rechtvaardigen - zij 'dragen' de wereld. Als een van hen sterft en God vindt geen Rechtvaardige in zijn/haar plaats, dan is het gedaan met de wereld. Alleen: niemandweet wie het zijn. Sterkernog:ze weten zelf niet dat ze het zijn- dan zou het immers snel gedaan zijn met hun rechtvaardigheid!
Zou het kunnen, dat onderal die mensen die me hielpen .......??
Tot ergens in de buurt van Freiburg - het ga jullie goed, zeker als je weer aan de slag gaat.
Duizend km - een mijlpaal!
Vandaag een spannende dag- oh nee, niet vanwege die mijlpaal, daar stond ik niet bij stil (?), ik had andere zorgen. In de plaats van bestemming bleek vlgs internet geen onderkomen, en ook niet in het verdere dorp, of het was Ruhetag, want maandag en dinsdag zijn, zo zei een Duitser, 'fürWanderer gefährliche Tage'. Bij de voorbereiding had ik juist wel iets gezien, maar goed. Ben op pad gegaan met het voornemen ieder onderkomen vóór het doel te accepteren - maar ja, dan moet er wel een beetje dorp komen dat de naam dorp verdient. Lichte zorg maakt zich meester van me. Dan duikt zo'n verstopt dorpje opeens op, zomaar, je weet dat er iets is, maar ziet het niet. Piepklein. Oh ja hoor, zegt een mevrouw die ik aanschiet - 6 huizenverder is een Gasthof. Ruhetag! Ik rammel aan de deur en mevrouw doet open: geen probleem, alleen eten gaat vandaag niet maar ik breng en haal u naar en van het buurdorp! En weer komt het goed!! Ik ben vroeg, het regent buien en ik hebt ijs om te bloggen en tevreden te zijn over mijn besluit- tevredenheid al duizend km lang!
Enkele maanden voor mijn vertrek las ik een fascinerend verslag van een Belg, die vanuit Gent dwars door Europa naar Jeruzalem pelgrimeerde. Hij zag op tegen de Anatolische hoogvlakte in Turkije, meer dan duizend km lang, in een verzengende hitte te overwinnen. Hoe doe je dat, zonder bocht in de weg, boom of verheffing in het landschap waardoor je weet dat je vooruitkomt? Dan, schrijft hij, moet je de referentiepunten in jezelf zoeken, anders draai je door; ' het werd een psychoanalytisch afdaling in mijn eigen ziel'. Dat bleef hangen bij mij: de referentiepunten zoeken in jezelf. En verdraaid: het klopt en het werkt! Niet dat ik in analyse ga bij mezelf, maar het mechanisme klopt. Die eindeloze boswegen, wegen met vals plat naar boven bocht na kromming na bocht; die 40 km (of waren het er meer) bos achter elkaar - dag na dag: ik moest er iets op vinden, en mopperen werkt alleen negatief ( zie mijn motto). Ik ging het gesprek aan in en met mezelf, over van alles, of zoals dat in het Duits weer zo fraai heet, allesomvattend: über Gott und die Welt - in figuurlijke zin dan. Over wat pelgrimeren is (komt later), over mijn werk en boek, over m' eigen ontwikkeling, waar ik eigenlijk de moed vandaan haal voor deze onderneming- over wat dat eigenlijk is:het gesprek met jezelf aangaan, over de filosofie van Hannah Arendt daarover, over het ordenen en schiften van mijn ervaringen - en ik kijk om me heen en ben alweer een km verder! Juist de opmerkingen van Arendt ( nu toch wat filosofie) zijn veelzeggend en ze hielpen bij die duizend km. Arendt stelt dat we nooit alleen zijn. Pardon? Nee, we voeren voortdurend het gesprek met onszelf - het gesprek tussen Ik en mezelf. Dat klinkt raar, is het niet. Die tweedeling merken we steeds, bijv als we zeggen ik kwam mezelf behoorlijk tegen. Dat gebruiken we altijd negatief, als we onverwacht reageren op iets en wat ons dan tegen valt- maar toch: een tweedeling. Ahrendt spreekt dan liever ook van Tweezaamheid en we zijn pas weer een, alleen, als iemand anders onze aandacht vraagt! Aardige constatering toch? Ik merk nu dat tijdens die vele kilometers ik ook Tweezaam ben en ik ontmoet steeds mezelf, in positieve zin: ontdek reacties etc die ik niet wist of verwachtte. Dat is, zo merk ik nu, bij mezelf komen-ook een tweedeling, maar positief, daarom gebruik ik dit werkwoord om de negatieve lading van ' jezelf tegen komen' te vermijden. En daar hoort ook bij het totaal onvermoede gewicht dat mijn levensovertuiging speelt - ook met nieuwe accenten. Zo bedacht ik, dat Nietzsche en Paulus (ik lees ze nu beide)veel gemeen hebben!! Aardige 'cliffhanger', toch? Leg het niet uit nu, zal thuis verantwoording afleggen.
Goed, bijmezelf komen- opeens begrijp ik die woorden! Beter laat dan nooit moet je maar denken.
Hallo - bent u daar nog? Ik schrijf dit vooral voor later, voor mezelf. Hoe heb ik dit mentaal gedaan? Door mijn motto, door het hierboven geschrevene. Laat ik eerlijk zijn: of dit me ook door de Povlakte helpt met muggen en hitte en rechte eindeloze wegen en dijken... we zullen zien.
Dank voor je geduld als je zover gekomen bent met lezen- op naar de volgende Duizend, maar dan deels echt met z'n Tweeën!
Tot aan de andere kant van de Rijn
Van Trier naar de Rijn (1)
Bloggen kun je op veel manieren, zo blijkt. Af en toe lees ik een blog van andere Rome-gangers, en de frequentie plus manier van vertellen is groot. Ik merk gaandeweg dat mijn blogverhalen een onvermoede functie krijgen: het ordenen en schiften van mijn ervaringen en gedachten. Dat schiften is niet mijn sterkste kant: wat is de maatstaf? Al die contacten en gedachten en belevingen moeten geordend, maar moet ik al die prachtige, hilarische en soms ontroerende gesprekjes noemen? Van die man die een half uur meeloopt nadat ik ' m aanspreek: volg mij maar, ik laat je een mooi stuk zien, ook korter en je komt gewoon weer op je route; of die twee oude 70+ dames naast me op het terras, aan het bier, nou ja Radler aber mit Bier! Ze snappen er niets van dat in ons land dit zacht gezegd ongewoon is voor dames op leeftijd!
In Trier neem ik afscheid van Brigitte en Herman, Ndl resp. Belg, twee leuke mensen die enkele etappes van de Eifelsteig lopen.We gaanal vanaf zondag in eigen tempo (zij sneller) gezamenlijk op en zien elkaar onderweg en in de onderkomens weeren zoals dat gaat, raken we steeds meer in gesprek. Ze zijn ondertussen volgers van mijn blog!
Ik ben toch wat nerveus bij deze volgende subafdeling:nu moet ik het zonder markeringen doen en vertrouwen op de techniek, wat mij niet gegeven is. En terecht! Gelukkig heb ik kaarten,als mijn GPS gek doet terwijl ik niks doe; gelukkig start ik het ding opnieuw op en is het weer in orde, maar toch!Mijn routes zijn deels matig ontworpen: te veel langswegen waarvan ik dacht dat het kleine weggetjes waren, maar ik gebruik de telefoon met Pocket Earth als alternatief.
Dan, je kunt erop wachten: er gaat iets mis. Mevrouw van het Hotel zei 's ochtends nog dat het niet nodig was te reserveren in Neunkirchen/N. Ze had vergeten dat er een Seefest was - alles belegt mein Herr, zei de Cheffin in N. Ze belde en belde en belde - belegt. Ondertussen had ik gelukkig een scenario uitgedacht: met bus naar x en daar 2 nachten blijven etc. Bus gaat zo en zo laat vanaf daar of daar, had het personeel, bij alle drukte, ondertussen uitgezocht. Ik heb tijd hapje te eten en onderwijl regelt men op mijn verzoek een hotel in Sankt Wendel: gaat u maar eten en een biertje drinken, ik kom zo bij u. 5 min. later komt ze met een papiertje met de gegevens: Schillerstrasse in SW; ik grinnik inwendig: alsof ze wist met een germanist te doen te hebben! Ik sta weer perplex over zoveel service.Tegen half 8 ben ik in Hotel in Sankt Wendel. Tot mijn verbazing en vreugde raakteik geen moment in paniek bijdit alles: zo ga ik het doen, en later blijkt:ik benfysiek helemaal hersteld van de lange dag.
Zondag al vroeg weer terugin SW, dat ik ga bekijken,ook zo'n leuk stadje dat ik niet kende, met een prachtige hooggotische basiliek uit de 14e eeuw. Ongepland besluit ik de avondmis bij te wonen. Ik ben vroeg en zit lang te kijken en te mijmeren en m'n gedachten te ordenen: ook over wat al die mensen ( kerk loop vol) en mij nu eigenlijk bezielt, en er ontwikkelt zich opeens een volstrekt nieuw inzicht!En dan ... uit het orgelvoorspel komt de de melodie van het eerste lied te voorschijn: wie schön leuchtet der Morgenstern. Ik denk meteen aan de woorden van Gerrit Jan, onze cantor: de mooiste melodie van de Chr. Traditie en hij heeft helemaal gelijk. Er wordt veel gezongen, bijna allemaal mooie oude melodieën,maar nu in de taal waar ze voor zijn geschreven. Ik geniet, ben echt tot tranen ontroerd door de muziek. Waarom? Hoe komt dat, waar raakt dit aan? En opeens weet ik het: die melodieën worden in Ndl gezongen, nu hier- ze gingenal die kilometersa.h.w met me mee op reis. Sterker: ze vertegenwoordigen iets dat met me meegaat, in mezelf zit; een soort muzikale vage figuur als op dat schilderij in Kornelimünster van de Emmaüsgangers,dat of die nu in volle hevigheid naar boven komt. Het is, laat ik eerlijk zijn, eerder de muziek dan de teksten, want daar heb ik theologisch deels afscheid van genomen, maar die muziek raakt aan wat voorbij die woorden ligt. Dit had ik van te voren zo nooit bedacht of gedacht, maar het gebeurt.Zo orden ik tijdens deze reis mijn gedachten en ervaringen, ik schrijf ze op voor mezelf, voor later, los van het ' gouden' dagboekje waar ik in steekwoorden in schrijf.
Iets totaal anders: Ik ben eerlijk gezegd nu wel toe aan een ander landschap. Eerst het Zwarte Woud en dan langzaamaan de Alpen. Morgen heb ik de 1000 (!) km bereikt, uiteraard inclusief km van en naar onderkomens, omlopen, verlopen, Naturtoilette gebruiken etc. Het is een mijlpaal die ook vraagt om ordening, reflectie en terugkijken. Daarover morgen of overmorgen.
Zo blog ik maar voort, in trage frequentie, want meer wil ik mezelf niet aandoen- maar ik vind het leuker dan gedacht!
Bis (über)morgen.
PS: het wordt hier steeds onverstaanbaarder en ongearticuleerde zo langzaamaan.
Impressie van Trier
Op het gevaar af de indruk te maken een verborgen gesponsorde medewerker van 'Discover your smile' (Tui) te zijn: Trier is echt een bezoek waard! De laatste etappe hierheen was, zoals het in het Duits heet, 'nicht ohne' (niet niks): het ging alleen maar naar boven om direct nog steiler (nat!) naar beneden te gaan en omgekeerd, maar ik ben er. De drukte valt me op, net als in 2009 Florence: ik wilde meteen verder. Ik herken hetgevoel direct en kan het daarom hanteren en van de stad genieten.
Ik word gevoelig voor kleine vriendelijkheden, waar denkelijk het leven vol van zit, maar waarschijnlijk merk ik ze niet op - nu wel.Ik vond dat ik mezelf wel wat mocht verwennen met een Hotel in het centrum en had er een op het oog. Kamer vrij, maar ze hadden geen was-service en ja: een Wanderer riekt enigszins! Wat doet de mevrouw aan de balie? Eerst zoeken naar wasbedrijf in debuurt-is er niet. Dan:'ik bel wel even met een ander Hotel' ! Ja, geregeld- ik sta perplex. Ik was dus geen geldpomp voor haar, ze nam de tijd en deed haar eigen bedrijf tekort- echte service en vriendelijkheid ziet er zo uit. Even denk ik: ik blijf hier, maar de ratio ( en de zweetlucht) krijgen de overhand.
Vandaag ' zwaar' programma: was regelen onder voorwaarden (30 graden, absoluut geen droger-ik vertrouw het niet!) , kapper,om het landloperuiterlijk weer wat te herstellen en nog meer....de stad zelf bijv.
De meeste indruk maakte .......een markt-/fabriekshal! Pardon?? Ja. De Basiliek namelijk, uit de 4e eeuw;zoals ik me uit de eerste colleges van Deutschkunde herinnerde (1970!):een basiliek is inde stijl van een oude Romeinse markthal gebouwd,waar vaak ook rechtszittingen werden gehouden. In Trier had het gebouw een andere functie, maar de stijl is die van een fabriekshal -zie foto's. Frappant is hoe ikop totaal verschillende wijzen onder de indruk ben: de Dom en de Liebfrauenkirche maken indruk in hun architectuur en kunst, en de Basilica in haar eenvoud en soberheid-?het is vind ik wonderschoon, een ander vindt er waarschijnlijk niets aan.Ik ben diep 'beeindruckt' terwijl het echt een fabriek lijkt uit de 19e eeuw.
Bij een regenbui schuil ik even in een toevallig passerende boekhandel: tja,.....wie me kent weet hoe ik lijd!?
Dan nog even het huis van Marx aandoen;de droge en complete was wordt gebracht; ik bereid de volgende etappes voor (heb kaarten gekocht - want ik wil overzicht naast een GPS -schermpje) ; lees jullie hartverwarmende reacties op mijn blog- en ben klaar voor de komende week. Laat ik eerlijk zijn: ik vind het spannend, zo zonder beschreven route en dus zonder markeringen. De gps, de telefoon met pocket earth - prima, maar de gekochte Wanderkarten geven me meer rust.
Ik ga via wat kleine en mij onbekende stadjes ' 'runteran den Rhein' .
Tot de volgende blog: Auf Wiederhören.